Column #2: ‘Bloeding met eend’

Famme-gastblogger Mathijs F Scheepers, acteur bij Skagen, werkt momenteel aan een monoloog getiteld ‘Sue me modderfokker’. Over een uit de hand gelopen burenruzie. En over zijn veel te vroeg geboren zoontje, met naast hem een stille vader die in zichzelf lijkt te verdwijnen en een moeder die niet weet wat ze verkeerd heeft gedaan.

Column van Mathijs F Scheepers

Tot aan de première van ‘Sue me modderfokker’ op 21 september lees je hier elke week alvast een stukje van dit hartverscheurende relaas. Vandaag: aflevering twee. 

Benieuwd naar wat voorafging? Lees hier de eerste column van Mathijs.

Bloeding met eend

De platligging verliep niet zo vlot. Nogal logisch, een ligging kan natuurlijk niet vlot lopen. Haha. Zo liep op een bepaald moment het bloed van tussen mijn vrouw haar benen toen ze in de douche stond. Dat was om 7 uur 19. Wij zijn dan naar het ziekenhuis gevlamd. Dertien kilometer verder. Niet zo braaf, dat geef ik graag toe. Door rode lichten gereden onder andere. Over de pechstrook van de ring ook. Wat best akelig is, want om een of andere reden staat iedereen ’s morgens stil op die ring. Dus daar voorbij vlammen tegen 140 per uur, dat voelt niet echt ontspannend aan. Ook al staan uw vier pinkers op. En tegelijkertijd bellen naar het ziekenhuis om te zeggen dat ge er aan komt met een bloedende zwangere vrouw. Handenvrij, dat wel.

En dan komt ge binnen op de spoed en is het eerste wat ze tegen u zeggen: “Meneer, kan u uw auto misschien een beetje verzetten, want op die manier neemt u twee plaatsen in op de parking.”

“Echt?”

“Ja.”

“Okee …”

En dan is het tweede wat ze tegen u zeggen:

“U mag daar even wachten.”

“Echt?”

“Ja.”

“U weet dat mijn vrouw zwanger is en dat ze aan het bloeden is?”

“Ja.”

“Moet er dan niet snel iemand komen?”

“Ja.”

“Ja, euh …”

“Meneer ze zijn onderweg.”

Dat heeft dan tien minuten geduurd voor er iemand kwam. Soms is het goed om niet alles op voorhand te weten. Dit was zo’n geval. Tien minuten. Uiteindelijk kwam er een heel oud manneke ons halen. Een van die lieve vrijwilligers die eenvoudig loopwerk doen in de kliniek. Heel nobel. De laatste dag voor zijn dood schatte ik. Ongelooflijk traag. En die bracht ons naar een kamer en daar kwam de dokter er dan bij.

“Gaat u maar even liggen”, de dokter wijst naar een tafel met zo van die beugels om uw benen in te leggen. En wij staan daar alle twee met onze mond vol tanden en zeggen niks en mijn vrouw doet wat zij vraagt. En de dokter neemt een kartonnen doos, pakt daar van die rubberen handschoenen uit, doet die aan en pakt zo’n eend. Enfin, zo’n eendenbek, zo’n ding om de toegang te openen zodanig dat ge beter binnen kunt zien. Bij een vrouw. Die assistente zet zich tussen de benen van mijn vrouw en wilt dat ding er in rammen.

“Juffrouw, mijn vrouw is gisteren nog bij de gynaecoloog geweest, die heel voorzichtig met een staafje met daaraan een klein watteke aan de buitenzijde van haar vagina een heel zachte wrijving heeft uitgevoerd. Omdat de zak met water waar ons zoontje in zit kapot is en wij er al de hele tijd alles aan doen om die zak zeker niet verder te laten scheuren en u wilt daar nu even alles opengooien met die eend?”

Ik ben geen dokter. Ik ga naar een ziekenhuis omdat er daar dokters zijn, die over dit alles veel meer weten dan ik. Dus het aller ergste wat zo’n dokter dan kan doen is: iets willen doen, tegengehouden worden door een complete leek die in een halve staat van shock is omdat hij met dit alles geen spatje ervaring heeft, luisteren naar de informatie die die complete leek haar geeft en die zij ook al kent want ze is vlak voor ze is binnen gekomen volledig gebrieft, en dan zeggen:

“Ah ja. Dan zullen we dat niet doen.”

“Dus als ik u nu niet had tegengehouden, dan was u daar gewoon binnen gevallen met uw combat-eend?”

Dat laatste heb ik toen niet gezegd.

“Ah ja. Dan zullen we dat niet doen.”

Stilte.

“Ik ga even met mijn collega’s overleggen wat we dan nu het beste kunnen doen”. Dokter nooit meer gezien. Een beetje later is iemand anders dan komen zeggen dat als de bloeding gestopt was, wat zo was ondertussen, dat we dan gewoon naar huis mochten gaan. Dat dat voorkomt, onverklaarbare bloedingen. En dat we altijd terug mochten komen als het zich nog eens voordeed. Geen enkel probleem.

Ah.

Dank u.

Ook het volgende deel staat al online.

Je kunt Mathijs het hele verhaal (over de hond van Hitler, een zwangere vrouw met een lekkende buik en een revolver in het verkeerde kastje), zélf horen vertellen op 21 september 2018 in CC Strombeek. Daarna gaat de voorstelling op tournee door Vlaanderen. Alle info op www.skagen.be.

 

Reageer op artikel:
Column #2: ‘Bloeding met eend’
Sluiten