Janne
Janne Uit 10 mei 2018

17 fases wanneer je moet vliegen met een peuter

Je peuter kan nog zo’n schatje zijn, je neemt ‘m toch liever niet mee het vliegtuig in. Want vliegen met een peuter is meestal allesbehalve leuk. 

Natuurlijk is het niet altijd drama, maar reizen met een peuter is en blijft iets dat al eens minder vlot loopt dan je had gehoopt. Hier 17 fases waar je doorheen gaat als je met je peuter een vliegtuig instapt.

Vliegen met een peuter

1.

Je probeert de nacht vóór jullie vliegtripje goed te slapen, maar om zes uur ‘s ochtends wordt je al wakker gemaakt, want je peuter is véél te enthousiast en opgewonden.

2.

Volgens je planning komen jullie twee uur te vroeg aan op het vliegveld, maar in het echte leven duurt het verbazingwekkend lang om alles en iedereen in de auto te krijgen.

3.

Je bent bijna aan de beurt bij de paspoortcontrole als hij opeens écht heel dringend pipi moet doen. Nu.

4.

Jullie staan net terug in de rij wanneer hij je vertelt dat hij zijn knuffel kwijt is. Vergeten in de wc, uiteraard.

5.

Hij weigert de snacks te eten die je voor onderweg hebt meegenomen.

6.

Wanneer jullie in het vliegtuig mogen instappen, zie je iedereen eerst naar je peuter kijken en dan naar jou, met een blik die boekdelen spreekt. ‘Ga je dit echt doen?’

7.

Je ziet de blik op de gezichten van je medepassagiers wanneer ze zich realiseren dat ze de hele vlucht met een peuter in een beperkte ruimte zitten. Jeej.

8.

Jullie zitten eindelijk in de stoelen, klaar om te gaan, wanneer de piloot omroept dat het nog zo’n 45 minuten gaat duren voor jullie daadwerkelijk vertrekken. Druk vliegverkeer. Waarom? Waa-rom?

9.

In die 45 minuten hoefde hij écht niet te plassen, maar nu het vliegtuig net in beweging is gekomen moet-ie wel. Natuurlijk.

10.

Voor deze ene keer mag hij een film kijken op je telefoon. Álles om ‘m tevreden te houden.

11.

Hij morst wat van z’n drinken over je telefoon en krijgt een enorme driftbui wanneer jij de film op pauze zet om ‘m schoon te maken. Classic.

12.

Je voelt iedereen naar je huilende en schreeuwende kind kijken en schaamt je. Sorry hoor.

13.

Dan realiseer je je dat dit jouw kind is en dat het niet uitmaakt wat iedereen om je heen denkt. Want jouw kind is het beste en liefste en schattigste van de hele wereld.

14.

De telefoon is terug schoon en de rust is wedergekeerd. Dankjewel, Shrek.

15.

Het vliegtuig landt en je geluk kan niet op: het is bijna voorbij! Je hebt het overleefd!

16.

Dan realiseer je je dat je waarschijnlijk nog een eeuwigheid bij de bagageband moet wachten op de drie koffers én buggy die je hebt ingecheckt. Light traveling? Kennen we niet, hoor.

17.

En alles en iedereen weer in een auto moet krijgen om eindelijk, jawel, naar je eindbestemming te rijden. Dit is dus hoe Tetris voor volwassenen eruit ziet.

Maar hey, als je eenmaal op je bestemming bent aangekomen, ben je alles al snel weer vergeten. (Al spookt de terugreis nu al door je hoofd, want dan moet je opnieuw vliegen met een peuter.)

Bon voyage!

Misschien trekken jullie wel naar een van deze peuterproof vakantiebestemmingen.

Reageer op artikel:
17 fases wanneer je moet vliegen met een peuter
Sluiten